Known issues

banner

Onopgelost

Model Tension Piles: de eenheid bij "Maximum cone resistance"
Model Tension Piles: de eenheid bij "Maximum cone resistance" staat in de materialentabel helaas verkeerd vermeld, namelijk als kN/m2. Dit moet MPa zijn.

Onopgelost

Versie 6.4.2.2: Model tension piles, foute ksi waarde in rapport.
Helaas wordt bij dit model in het rapport een verkeerde waarde voor de ksi-factor vermeld. Deze wordt daar namelijk gebaseerd op het ingevoerde aantal sonderingen in plaats van het aantal sonderingen dat daadwerkelijk in de berekening is gebruikt. Bij de berekening zelf wordt wel de juiste ksi-factor toepgepast. Bij wijze van work around kan de ksi-factor handmatig worden "overruled" met de juiste waarde zodat ook in het rapport de juiste waarde vermeld wordt.

Opgelost in 8.1.3.4

D-Foundations 8.1, Trekpalen, selectie van "Manual" voor de "Max. Conusweerstand Type"
De selectie van "Manual" voor de " Max conusweerstand Type" in het Materialen scherm werkt niet: het wordt automatisch teruggezet op "Standaard" zodra de berekening wordt gestart. Als gevolg hiervan verschijnt er een waarschuwingsbericht over de veranderde invoer (omdat dat inderdaad is veranderd ten opzichte van de oorspronkelijke invoer). Er is helaas geen oplossing op dit moment anders dan het gebruik van het NEN-gebaseerde MFoundation programma waarin deze optie wel werkt. Maar dan zal de berekening plaatsvinden volgens de oude implementatie van de CUR 2001-4, gebaseerd op een enkele ksi-waarde. Omdat de Eurocode echter gekalibreerd is aan de NEN, zullen de uitkomsten niet veel afwijken.

Opgelost in 8.1.3.4

Model Bearing Piles (EC7-NL), Effect van ontgraving bij Bouw Sequentie "Ontgraving - CPT zowel vooraf als achteraf iInstallatie"
De ontgraving wordt nog steeds in rekening gebracht bij de bouw sequentie "Ontgraving - CPT zowel vooraf als achteraf installatie". Dit zou niet het geval zijn, omdat de ontgraving duidelijk eerst genoemd is. Dit betekent dat het geen enkele invloed op de CPT-waarden kan hebben, dus de qc-reductie als gevolg van ontgraving mag niet plaatsvinden.
Workaround: schaf handmatig het effect van de ontgraving af door het selecteren van het ontgravingsmodel "Manual" en het invoeren van 0% als qc-reductie.

Opgelost in 8.1.3.4

D-Foundations versie 8.1.2.2, Model Bearing Piles, Open Stalen Buispalen, User Defined, bepaling schachtwrijving.
Indien bij het gebruik van Open Stalen Buispalen voor zowel het paaltype als de alpha’s sand/gravel gekozen wordt voor een User Defined type, dan wordt er een te lage (veilige) waarde voor de schachtwrijving berekend. Dit komt omdat het paaltype in het rekendeel niet juist wordt herkend en de berekening van de inwendige schachtwrijving (specifiek voor dit type) achterwege gelaten wordt.

Opgelost in 8.1.2.2

D-Foundations 8.1.1.4: Modellen Bearing Piles (NL) en Tensions Piles.
Bij het definiëren van een ontgraving is het mogelijk dat er in een profiel een laag opeens een verminkte naam krijgt. Naast het feit dat dit probleem zich niet altijd voordoet is ook de locatie en de impact niet te voorspellen. In welk profiel(-en) en welke laag (lagen) zich dit voordoet kan per keer dat het programma wordt gebruikt verschillen. Een echte workaround is helaas niet beschikbaar. Zelfs na het "herstellen" van de lagen middels het Profiles-scherm kan geen correcte berekening met ontgraving garanderen. Dit komt omdat ook de gegevens betreffende de ontgraving verminkt kunnen zijn.

Opgelost in 8.1.2.2

Model Tension Piles (CUR / EC7-NL), ontgravingsmodel "Safe"
Bij deze keuze zou de afstand tussen randpaal en damwand geen enkele rol in de berekening mogen spelen. Helaas is dit slecht deels het geval waardoor voor randpalen, grenzend aan de virtuele damwand (links en rechts in het palenplan), enigszins andere waarden worden gevonden dan voor randpalen die echt geheel "vrij" staan (palen aan boven- en onderzijde van het palenplan).
Workaround: kies in plaats van de methode "Safe" voor de methode "Begemann" en voer daarbij een zeer grote afstand tot de damwand in (bijvoorbeeld 1000 m).

Opgelost in 8.1.2.2

Model Bearing piles, verzwaarde paalvoet, nauwkeurigheidsprobleem (versie 6 NEN en 7 en 8 Eurocode) (niet opgelost voor MFoundation).
Wanneer de diameter van een verzwaarde paalvoet precies 20 mm breder is dan de paalschacht moet het programma feitelijk met de volledige positieve kleefzone rekenen bij de bepaling van de positieve kleef. Door een probleem met de nauwkeurigheid rekent het programma echter soms foutief met alleen kleef over de hoogte van de paalvoet.
Workaround: verminder de diameter van de paalvoet in dat geval met een fractie
(1 mm voldoet al).

Opgelost in 8.1.2.2

Model Shallow Foundations
Bij het model Shallow Foundations werkt de test op het maximaal aantal toelaatbare belastingen niet goed. MFoundation staat feitelijk maximaal 20 belastingen toe voor de berekening middels het Shallow Foundations model. Het programm a deelt dit niet netjes aan de gebruiker mee.

Opgelost in 8.1

Model Bearing piles (NEN): Preliminary design|Indication bearing capacity:
De Begemann CPT-reductie is afhankelijk van volgorde en verdeling in het palenplan.
Bij het bepalen van een eventuele reductie van de CPT waarden met de optie Begemann is de draagkrachtberekening afhankelijk van de volgorde en geometrie in het palenplan. Een paal in het midden van de bouwkuip zal een hogere reductie krijgen dan een randpaal. De berekening rekent met de eerstgenoemde paal opgegeven onder "pile properties", afhankelijk van de invoer kan dit dus zowel een randpaal als een middenpaal zijn. Bij een juiste werking van MFoundation zou de berekening onafhankelijk van het palenplan moeten zijn, en de reductie slechts af laten hangen van de afstand zoals gedefinieerd onder "excavation".
Workaround: Doe een berekening waarbij slechts een paal is opgegeven onder "Pile Properties".

Opgelost in 8.1

Paalfunderingen Belgische methode, open stalen buispaal met plugwerking en meerdere sonderingen
Bij gebruik van dit specifieke paaltype en meerdere sonderingen in één berekening worden de resultaten zoals getoond in het "Calculation Design Results" scherm verkeerd weergegeven. De waarden van Rb;cal;max, Rs;cal;max en Rc;cal;max zijn, met uitzondering van het eerstgenoemde profiel zoals getoond in het berekeningsscherm ("Calculation" scherm), onjuist. De waarde voor Rc;d (weergegeven als blauwe lijn in de grafiek) toont wel altijd de juiste waarden.
Nota bene: de waarden in de tussenresultaten-file zijn wel altijd de juiste waarden.
Workaround: Gebruik de resultaten zoals deze worden vermeld in de tussenresultaten-file. Als alternatief geldt: gebruik de vorm van een "open ended pile" met als paaltype "User defined". Gebruik hierbij 0.6 als waarde voor beide alpha;s en 0.7 voor beide alpha;b parameters. Hiermee wordt het niet pluggende deel van de berekening afgevangen (dit is meestal maatgevend). Om de waarden van de pluggende paal te berekenen dient als paalvorm een gesloten stalen paal gekozen te worden. Kies ook hierbij als paaltype "User defined" en gebruik hierbij 0.6 als waarde voor beide alpha;s en 0.7 voor beide alpha;b parameters. Let erop dat de laagste waarden van beide berekeningen dienen te worden aangehouden.

Opgelost in 8.1

Model Shallow Foundations (EC7-NL)
Bij de bepaling van benodigde berekeningsgevallen is bij invoering van de Eurocode een nieuwe afhankelijkheid ten aanzien van de diepte van de cohesieve lagen ingevoerd. Bij het vaststellen van die afhankelijkheid maakte MFoundation een foutje, waardoor de berekening van de ongedraineerde situatie ten onrechte achterwege bleef.

Opgelost in 8.1

Model Bearing piles (NEN): Te hoge negatieve kleefwaarden
Door MFoundation wordt een fictieve laagscheiding ingevoerd ter hoogte
van de ondergrens van de negatieve kleef (Bottom of negative skin
friction zone), teneinde dit correct te verwerken. Indien het verschil
tussen dit niveau en een laagscheiding klein is kan dit problemen geven
waardoor er GEEN extra laagscheiding wordt toegevoegd. In dat geval
wordt de wrijving meegenomen over de hele betreffende laag. Dit kan dus
zelfs tot aan de punt van de  paal zijn.
Workaround: Controleer of de onderkant van de negatieve kleefzone bij
een laagscheiding ligt. Zorg er voor dat de niveaus exact gelijk zijn
(in mm nauwkeurig) dan wel minstens 5 cm van elkaar liggen.

Opgelost in 7

Hoe kan het dat de schachtwrijving (positieve kleef) afneemt in de diepte?
In enkele gevallen werd de reductie van qc voor de berekening van positieve kleef verkeerd bepaald. Hierdoor werden (lokaal in de diepte) te lage waarden voor de positieve kleef berekend. Deze gevallen waren eenvoudig herkenbaar omdat in de grafiek van de positieve kleef een lokaal afnemende postieve kleefwaarde te zien was. Meer informatie.

Opgelost in 6.4

Shallow Foundations: Mogelijk incorrecte NEN-waarden bij de grondparameters
MFoundation maakt gebruik van een standaardlijst met materialen en daarbij behorende parameter-waarden.  Deze lijst is gebaseerd op tabel 1 van NEN 6740 en bevat altijd de zogenaamde "hoge" waarden zodat deze lijst geschikt is voor het default model "Bearing Piles (NEN)". In geval van Bearing Piles (NEN) heeft de grond bijvoorbeeld invloed bij ontgraving en negatieve kleef; hoge waarden voor gamma geven dan een conservatieve berekening. Bij Shallow Foundations geven doorgaans juist de "lage" waarden een conservatieve benadering, de door MFoundation ingevulde standaardwaarden in de materiaal tabel zijn dan niet juist. Om toch met de juiste "lage" waarden te rekenen voor Shallow Foundation dient het volgende te gebeuren: Kies eerst Shallow Foundations als model en gooi vervolgens alle standaard materialen weg. Voeg de benodigde standaard materialen toe via de knop [Add from NEN 6740]. Hiermee krijgt men wel de gewenste "lage" waarden. Nota bene: eenmaal ingevulde materiaal parameters worden nooit door het programma zelf aangepast; ook niet bij modelwisselingen. Als gebruiker dient men daarom zelf de validiteit van de parameterwaarden na te gaan.

Opgelost in 6.4

Foutmeldingen / onjuiste resultaten wanneer Materialentabel niet volledig is ingevuld.
Indien de materiaaltypen niet zijn aangegeven (lege cel) in de materialentabel onder Soil/Materials/Soil type; maar de materialen wel worden gebruikt in het profiel, dan leidt dit tot onvoorspelbare resultaten en in enkele gevallen tot foutmeldingen.

Opgelost in 6.4

Model Bearing piles (NEN): Kleine verbrede voet en positieve kleef
Bij het toepassen van een verbrede voet mag onder bepaalde eisen (oa. voet steekt minder dan 10mm uit), positieve wrijving langs de schacht meegenomen worden in de draagkracht. Zie ook NEN 5.4.2.1. Dit is helaas niet opgenomen in MFoundation.
Workaround: Bereken de draagkracht van de paal met en zonder verbrede voet. Combineer de draagkracht van voet van de verbrede paal met die van de schacht van de niet verbrede paal.

Opgelost in 6.4

Model Bearing piles (NEN): Verschillen in schachtwrijving tussen berekening voor CPT Test Level en de verificatie berekening
Bij de berekening gebaseerd op het CPT Test Level (deze wordt alleen uitgevoerd om de vereiste minimum afstand tussen de sonderingen te bepalen) wordt voor de schachtwrijving een te hoge waarde berekend indien het niveau van de paalkop onder het maaiveld ligt. Voor alle ontwerp en verificatie berekeningen wordt de schachtwrijving wel correct berekend.  De gevonden fout heeft overigens zelfs heel weinig invloed op het specifieke resultaat van de CPT Test Level berekening. Omdat de schachtwrijving namelijk voor alle sonderingen op dezelfde foutieve wijze wordt berekend heeft dit vrijwel geen invloed op de vergelijking van de totale draagkracht van de sonderingen. En die vergelijking bepaalt de vereiste onderlingen afstand van de sonderingen.

Opgelost in 6.4

Model Bearing piles (NEN) en Model Tension piles (CUR): Ontgravings-scherm opent niet
Om niet duidelijke redenen kan het openen van het ontgravings-scherm problemen geven. In plaats daarvan wordt mogelijk met een fout ("access violation") getoond. De workaround is de som op te slaan, te sluiten en weer te openen.

Opgelost in 6.3

Tension piles: het gebruik van meerdere paaltypen kan fouten in het report geven Bij de module tension piles worden automatisch paalgroepen aangemaakt. In geval van meerdere paaltypen kan dit verschillende paalgroepen opleveren doordat de invloedsfeer van de paalgroepen verschilt; hier kan de report generator hier niet juist mee omgaan. Dit is te herkennen aan het -na berekening- meervoudig voorkomen van eenzelfde profielnaam in het CPT pull down menu in het "Design" window.
Workaround: Maak het report apart aan per paaltype.

Opgelost in 6.3

Alpha_p and alpha_t in report bevat verkeerde waarde
De alpha factoren zoals gedefinieerd in de user interface komt niet overeen met de waarde in de tabel in het report (paragraaf "Calculation Parameters"). In MFoundation 6.1 wordt wel de juiste waarde vermeld in de texten, maar niet in de tabel. De berekeningen gebruiken overigens de juiste waarden zowel in 5.3 als 6.1.

Opgelost in 6.1

Berekening schachtwrijving onder Belgische method
De berekening van de schachtwrijving onder de Belgische methode is niet correct.

Opgelost in 6.1

In het window "design results" kan de legenda de verkeerde Fr;net;d-lijn aanduiden.
Dit gebeurt in geval van "All pile types", Fr;net;d. Merk op dat de aanduiding bij vertoning per individueel paaltype dit wel juist is.

Opgelost in 6.1

De waterdruk die getoond wordt wanneer een CPT wordt bewerkt kan rare waarden vertonen.
In de kolom water pressures de cel waarden geven9.87E08 MPa. Dit is de waarde die aanduid dat er geen waterdruk is ingevoerd, de getoonde waarde wordt in dat geval niet gebruikt in de berekeningen.

Opgelost in 6.1

Module Bearing Piles, maaiveldniveau onjuist in rapport
Bij het gebruik van de optie 'Preliminary Design', 'Indication bearing capacity' wordt in het bijbehorende rapport in de laatste tabel (Samenvatting Draagkracht in kN) helaas het maaiveldniveau verkeerd vermeld. Deze verkeerde vermelding heeft GEEN invloed op de geldigheid van de overige waarden, deze zijn correct.

Opgelost in 6.1

Model Bearing Piles en Tension Piles (CUR), ontgravingsniveau aangepast door berekening
De waarde die wordt opgegeven voor het ontgravingsniveau wordt door de berekening aangepast. Dit is niet juist

Opgelost in 6.1

Model Bearing Piles en Tension Piles (CUR), Overrule Excavation (Calculation scherm)
Als voor het berekenen van de Qc-reductie de handmatige methode is gekozen in het Excavation scherm, wordt bij de keuze om de ontgraving te onderdrukken ten onrechte de reductie NIET GEHEEL onderdrukt. Bij deze situatie wordt er toch nog deels gereduceerd waardoor je niet de verwachte hoge waarde krijgt maar een verlaagde (dus op zich veiligere) waarde. De waarden die berekend worden met Safe en Begemann kloppen altijd, ook bij onderdrukte ontgraving.

Opgelost in 6.1

Model Tension Piles (CUR), verkeerde OCR
Er blijkt bij de trekpalen een verkeerde OCR-waarde te worden meegenomen, namelijk altijd 1.3 in plaats van de opgegeven waarde (meestal gewoon 1!). Hierdoor vindt onbedoeld reductie plaats op de qc door de OCR-waarde voor de zandlagen als het paaltype 'Vibrating' is.

Opgelost in 6.1

Model Tension Piles (CUR), user defined (vibrating) wordt geconverteerd naar hout
Als het model van Tension Piles veranderd wordt in Bearing Piles wordt het paaltype verkeerd geconverteerd.

Opgelost in 6.1

Melding 'Unkown input file format!' bij openen van oude files
Bij het openen van een oude file die is gemaakt met een van de eerste Windows versies kan de melding 'Unkown input file format!' worden gegeven. De file wordt dan niet geopend.
Workaround: Verwijder in de header van de invoerfile (met bijv. Notepad) achter "CREATED BY" het stukje "for Windows".

Opgelost in 6.1

Plotten last-zakkingsdiagram
Bij het plotten van het last-zakkingsdiagram verschijnt een heel smal
plaatje als je "Nice scales fit" kiest. Als je kiest voor "Page Fit" gaat het wel goed. "Nice scales fit" gaat zelf op zoek naar een standaard verschaling zodat het plaatje nog past op de pagina. In het geval van het last-zakkingsdiagram pakt dit laatste (bijna) altijd verkeerd uit.